Orthopedisch > Totale Knieprothese

Het
kniegewricht bestaat uit drie verschillende delen die met elkaar in verbinding
staan:
Deze
vormen samen twee gewrichten, het patella femuoraal en tibia femoraalgewricht.
Alle
oppervlakken van deze beenderen zijn met een laag kraakbeen bedekt die ervoor
zorgt dat het gewricht soep beweegt. De schokken tijdens bijv. het lopen worden
opgevangen door de meniscus.
De botstructuren worden door gewrichtsbanden met elkaar verbonden.
Door
o.a. het verouderingsproces word de kraakbeenlaag steeds dunner en waardoor
uiteindelijk het bot (dijbeen en scheenbeen) gaat slijten en beschadigt wordt.
Hierdoor beweegt het gewricht steeds minder soepel en geeft pijnklachten. Er kan
dan door een orthopeed besloten worden het gewricht te vervangen voor een
totale knie prothese.
Bij deze operatie worden de versleten uiteinden van het
dijbeen en scheenbeen vervangen door metalen prothesedelen.
Deze twee metalen componenten worden door botcement aan het bot
bevestigd,ertussen wordt een polyethyleen component geplaatst. Dit is een dikke
laag duurzaam plastiek dat in dikte kan aangepast worden om een perfecte
stabiliteit en beweeglijkheid van de knie te bewerkstelligen.
Symptomen
Bij
een beschadigde of versleten knie treedt pijn meestal op bij (trap)lopen en
lang staan. Ook startpijn komt voor. Fietsen levert doorgaans de minste
klachten op. In een gevorderd stadium treedt verstijving op; er ontstaat een
bewegings-beperking waardoor strekking van de knie onmogelijk wordt. Ook kan
zich een X- of O-beenstand ontwikkelen, waarbij de knie in toenemende mate moe
en instabiel aanvoelt. De ernst van de aandoening wordt vastgesteld door
lichamelijk onderzoek, röntgenfotos en eventueel met een kijkoperatie. Bij de
beslissing om een knieprothese te plaatsen is het oordeel van de patiënt
doorslaggevend. Die ervaart immers de last. De patiënt moet uiteindelijk zelf
bepalen of hij of zij toe is aan de operatie.
Oorzaken
Er
zijn verschillende afwijkingen die slijtage van het kniegewricht kunnen
veroorzaken, zoals kraakbeen- en stofwisselingsziekten en kraakbeenbeschadiging
door een fractuur. Wanneer in het verleden de meniscus verwijderd is, is er een
verhoogde kans op slijtage. Meestal is de oorzaak echter onduidelijk.
Reumapatiënten hebben vaak knieproblemen omdat reuma het kraakbeen aantast. Het
kniegewricht kan zo ernstig beschadigd zijn, dat vervanging door een
knieprothese noodzakelijk is.
De operatie
Samen
met de anesthesist kan u beslissen of u een volledige of plaatselijke
(epidurale) verdoving krijgt. Meestal wordt een epidurale verdoving aanbevolen.
Na het ontsmetten en afdekken wordt de incisie gemaakt. De meniscussen en de
voorste kruisband worden verwijderd. Al het zieke kraakbeen van het boven- en
onderbeen en de knieschijf wordt verwijderd (Fig. 1 en 2.). Daarna wordt de
beweeglijkheid en stabiliteit van de knie uitvoerig getest door middel van een
proefprothese. Vervolgens wordt de prothese aan het scheenbeen en dijbeen
bevestigd (Fig. 3 en 4). Vervolgens wordt de knieschijf erop geplaatst (Fig. 5)
en kan de wond dichtgemaakt worden.





De
revalidatie
De
eerste paar dagen is het belangrijk te herstellen van de ingreep. Na een paar
uur na de ingreep kan wel begonnen worden met het bewegen van de knie zonder
dat u zelf actief mee doet (passief bewegen) op bijv. een knietech.
Na ongeveer drie dagen (dit verschilt per ziekenhuis) wordt gestart met
fysiotherapie.
Er wordt gestart met spieroefeningen en met het leren stappen tussen twee baren
in een brug.
Vervolgens wordt het stappen met een looprek of eventueel een paar krukken
aangeleerd.
De
beslissing om naar huis te gaan wordt in overleg met de chirurg genomen. Over
het algemeen komt het er op neer dat men ontslagklaar is wanneer de dagelijkse
activiteiten (trappen lopen,naar toilet gaan,…) thuis zelfstandig uitgevoerd kunnen worden.
Behandeling
van de fysiotherapeut
Na
het ontslag uit het ziekenhuis wordt de revalidatie voorgezet bij de
dichtstbijzijnde fysiotherapeut.
Bij
de fysiotherapie is de revalidatie gericht op:
·
vergroten/
herstellen van de afgenomen spierkracht.
·
onderhouden/
vergroten van de bewegelijkheid van de knie.
·
vergroten
van de mogelijk afgenomen algehele conditie.
·
oefenen
van de dagelijkse activiteiten en het zonodig uitbreiden ervan.
De
fysiotherapeutische behandeling kan gestopt worden wanneer de activiteiten
van het dagelijks leven weer zelfstandig en pijnvrij uitgevoerd kunnen worden.